Een lege accu herken je vaak aan een startmotor die langzaam draait of alleen een klikgeluid maakt. Met een tweede auto en een geschikte set startkabels kun je de auto soms weer starten. Volg daarbij rustig de juiste volgorde. Zo verklein je de kans op kortsluiting, schade aan de elektronica of een verkeerd aangesloten kabel.
In dit artikel lees je hoe je een auto starten met startkabels veilig aanpakt. Ook leggen we uit wanneer je beter geen startkabels gebruikt en wat je na het starten moet doen.
Controleer eerst waarom de auto niet start
Startkabels helpen alleen wanneer de accu te weinig stroom levert. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren doordat je de verlichting hebt laten branden of doordat de auto langere tijd heeft stilgestaan. Bij koud weer kan een zwakke accu ook sneller problemen geven.
Let op de signalen voordat je kabels aansluit. Gaan de lampjes op het dashboard nog aan en hoor je bij het starten een trage motor? Dan is een lege of zwakke accu een waarschijnlijke oorzaak. Hoor je helemaal niets, blijven de deuren vergrendeld of ruik je een sterke brandlucht? Dan kan er iets anders aan de hand zijn.
Gebruik geen startkabels als de accu zichtbaar beschadigd is, lekt of bol staat. Een beschadigde accu kan gevaarlijk zijn. Neem in dat geval contact op met pechhulp of een garage.
Wat je nodig hebt voor het starten
Voor deze klus heb je een paar eenvoudige dingen nodig:
- Een tweede auto met een accu die voldoende geladen is
- Een passende set startkabels
- Een veilige plek om beide auto’s stil te zetten
- De handleiding van je auto als je niet weet waar de aansluitpunten zitten
De startkabels hebben meestal een rode en een zwarte kabel. Rood is voor de pluspool en zwart voor de minpool of een geschikt massapunt. Controleer de kabels voordat je begint. Beschadigde isolatie, losse klemmen of blootliggende draden zijn redenen om de kabels niet te gebruiken.
Zet beide auto’s veilig klaar
Zet beide auto’s dicht genoeg bij elkaar zodat de kabels de accu’s kunnen bereiken. De auto’s mogen elkaar niet raken. Zet beide motoren uit, trek de handrem aan en schakel alle elektrische verbruikers uit. Denk aan verlichting, radio, stoelverwarming en ventilatie.
Open de motorkap en zoek de accu of de speciale aansluitpunten. Bij sommige moderne auto’s zit de accu niet direct onder de motorkap. De fabrikant kan daarvoor aparte plus- en massapunten hebben aangewezen. Gebruik niet zomaar een metalen onderdeel als aansluiting. Raadpleeg bij twijfel de handleiding.
Controleer ook of beide auto’s dezelfde soort elektrische spanning gebruiken. Bij gewone personenauto’s is dat vaak gelijk, maar ga daar niet blind van uit. Gebruik de startkabels niet bij een elektrische auto of hybride auto zonder eerst de instructies van de fabrikant te bekijken. De aandrijfaccu en de kleine 12 volt-accu werken daar niet hetzelfde als bij een traditionele auto.
Auto starten met startkabels stappenplan
De volgorde van aansluiten is belangrijk. Zorg dat de klemmen elkaar niet raken en raak tijdens het aansluiten geen metalen delen met beide klemmen tegelijk aan.
Sluit de rode kabel aan
- Bevestig de rode klem op de pluspool van de lege accu. De pluspool herken je meestal aan een plusteken of een rood kapje.
- Bevestig de andere rode klem op de pluspool van de volle accu.
Sluit de zwarte kabel aan
- Bevestig een zwarte klem op de minpool van de volle accu.
- Bevestig de andere zwarte klem op een stevig, ongelakt metalen punt van de auto met de lege accu. Kies bij voorkeur het massapunt dat de fabrikant hiervoor aanwijst.
Sluit de laatste zwarte klem liever niet rechtstreeks aan op de minpool van de lege accu, tenzij de handleiding dat voorschrijft. Een aansluiting op een geschikt massapunt houdt de verbinding verder weg van de accu. Volg altijd de aanwijzingen van de autofabrikant wanneer die afwijken.
Start eerst de auto met de volle accu
Start nu de auto met de volle accu. Laat de motor enkele minuten rustig draaien. Zo krijgt de lege accu tijd om een beetje stroom op te nemen. Geef niet meteen veel gas. Dat is meestal niet nodig en kan de motor onnodig belasten.
Probeer daarna de auto met de lege accu te starten. Houd de startpoging kort, bijvoorbeeld enkele seconden. Slaat de motor niet aan, wacht dan even voordat je opnieuw probeert. Meerdere lange startpogingen achter elkaar kunnen de startmotor en de kabels zwaar belasten.
Start de auto wel, laat beide motoren dan nog enkele minuten draaien. Zet tijdens die eerste minuten niet direct alle elektrische systemen aan. Controleer of het dashboard normaal werkt en of er geen waarschuwingslampjes verschijnen die je niet kent.
Maak de kabels los in omgekeerde volgorde
Wanneer de auto gestart is, verwijder je de kabels in de omgekeerde volgorde van het aansluiten. Zorg dat de klemmen niet tegen elkaar of tegen andere metalen delen komen.
- Haal de zwarte klem van het massapunt van de auto met de lege accu.
- Haal de andere zwarte klem van de minpool van de volle accu.
- Haal de rode klem van de pluspool van de volle accu.
- Haal de laatste rode klem van de pluspool van de auto die niet startte.
Leg de kabels pas weg nadat alle klemmen veilig zijn verwijderd. Controleer of de kabels niet in de buurt van draaiende onderdelen of hete delen van de motor terechtkomen.
Rijd daarna niet meteen naar huis
Een korte rit geeft de accu niet altijd genoeg tijd om weer op te laden. Rijd daarom, als de verkeerssituatie dat toelaat, wat langer door. Schakel onnodige elektrische verbruikers uit, maar blijf natuurlijk rijden met de verlichting en andere systemen die voor veiligheid nodig zijn.
Een rit lost het onderliggende probleem niet altijd op. De accu kan oud of beschadigd zijn, maar ook de dynamo kan onvoldoende stroom leveren. De dynamo is het onderdeel dat tijdens het rijden de accu bijlaadt. Start de auto na het uitschakelen opnieuw moeilijk of gaat er een acculampje branden, laat de auto dan controleren.
Komt het probleem vaker terug, wacht dan niet tot de auto opnieuw stilvalt. Een garage kan de accu en het laadsysteem testen. Zo weet je beter of alleen de accu aandacht nodig heeft of dat er een ander elektrisch probleem speelt.
Wanneer startkabels geen goede keuze zijn
Startkabels zijn niet in elke situatie geschikt. Gebruik ze niet wanneer:
- De accu lekt, beschadigd is of bol staat
- Je niet zeker weet welke pool of aansluiting je moet gebruiken
- De kabels beschadigd zijn
- De auto een elektrische of hybride aandrijving heeft en je de procedure niet kent
- De auto na meerdere korte pogingen nog steeds niet start
- Je op een gevaarlijke plek staat, zoals een drukke rijbaan
Bij een elektrische auto gebruik je startkabels niet om de grote aandrijfaccu op te laden. Sommige modellen hebben wel een kleine 12 volt-accu waarvoor een speciale startprocedure bestaat. Die procedure verschilt per model. Kijk daarom in de handleiding of vraag hulp aan een professional.
Veelgemaakte fouten bij het gebruik van startkabels
De meeste problemen ontstaan door haast. Een veelgemaakte fout is het verwisselen van de plus- en minpool. Dat kan ernstige schade veroorzaken. Controleer daarom vóór elke aansluiting het plusteken en de kleurmarkering.
Een andere fout is dat de auto’s elkaar raken of dat je de kabels aansluit terwijl een van de motoren nog draait. Zet beide auto’s eerst volledig uit en controleer de positie van de voertuigen.
Gebruik ook geen willekeurig dun snoer als startkabel. De startmotor vraagt kortstondig veel stroom. Een kabel die daarvoor niet geschikt is, kan warm worden of beschadigen. Klemmen die niet stevig vastzitten geven bovendien een slechte verbinding.
Tot slot moet je niet blijven doorstarten wanneer de motor niet aanslaat. Als de verlichting en startmotor goed werken maar de motor niet begint te draaien, ligt de oorzaak mogelijk bij brandstof, ontsteking of een ander onderdeel. Startkabels lossen dat probleem niet op.
Zo voorkom je een lege accu
Je kunt de kans op een lege accu kleiner maken met een paar eenvoudige gewoonten:
- Controleer na het parkeren of de verlichting uit is
- Laat geen telefoonlader of ander apparaat onnodig aangesloten
- Maak regelmatig een langere rit als de auto vaak korte afstanden rijdt
- Laat een zwakke accu tijdig testen
- Bewaar een geschikte set startkabels in de auto
Bij winterse omstandigheden verdient de accu extra aandacht. Lage temperaturen maken het starten zwaarder, terwijl een koude accu minder makkelijk stroom levert. In het artikel auto winterklaar maken lees je welke andere controles handig zijn voordat het koudere seizoen begint.
Rustig werken voorkomt de meeste problemen
Een auto starten met startkabels lukt vaak zonder ingewikkeld gereedschap, maar veiligheid staat voorop. Gebruik goede kabels, zoek de juiste aansluitpunten op en volg de volgorde nauwkeurig. Start de auto daarna niet zomaar opnieuw uit, maar laat de accu en het laadsysteem controleren als het probleem terugkomt.
Twijfel je over de aansluiting, staat de auto op een onveilige plek of gaat het om een hybride of elektrische auto? Kies dan voor pechhulp. Een korte wachttijd is beter dan schade aan de auto of een onveilige situatie.


